Raak de wonden aan (Joh. 20,24-29)

(Johannes 20:24-29)

Stel je voor: je gaat op kamp met de scouts. Er worden twee groepen gevormd. Elk met hun eigen leider: Roderick en Joshua. De groep van Roderick loopt snel vol. Het is ook wel een heel grappig iemand. Ziet er cool uit. Juiste looks. Gave broek, prima zonnebril, goeie schoenen. Beetje gek is wel dat hij niet uitstraalt dat hij veel heeft met scouting. Hij heeft geen scouts-uniform bij zich. Zijn spullen zitten niet in een rugzak maar in een blits rolkoffertje. Je ziet hem zelf niet echt aanpakken. Hij is goed is delegeren, laat anderen rennen. Zelf houdt Roderick zijn handen liever schoon.

Joshua is een heel ander type. Hij is wat ouder, ervaren. Geen gel in het haar maar de verweerde kop van iemand die veel in de natuur is. Geen rolkoffertje maar een stevige rugzak. Op zijn scout-blouse een hele reeks insignes die laten zien dat Joshua als scout zijn sporen heeft verdiend. Je ziet het ook aan het eelt op zijn handen. Op een van zijn benen zit een opvallend litteken. Het was ooit een forse brandwond Iemand naast je vertelt dat Joshua die opliep toen hij enkele jonge scouts redde uit een brandende tent. Wie zou je kiezen. Iemand als Roderick, de vlotte easy-going chille gast? Of toch liever Joshua, de man met het litteken?

Schriftlezing: Johannes 20: 24-29

Het is een opmerkelijk moment. De leerlingen van Jezus zitten ergens in een benauwd zaaltje achter gesloten deuren. Jezus komt in hun midden en zegt: Ik wens jullie vrede. Na deze woorden toont hij hun Zijn handen en zijn zijde. En een volgende keer gebeurt het opnieuw. Het is kennelijk een vast patroon. Jezus komt in hun midden staan. Ik wens jullie vrede, zegt hij. En daarna richt hij zich tot Tomas: Leg je vingers hier en kijk naar mijn handen en leg je hand in mijn zij. Raak de wonden aan, zegt Jezus.

Het is trouwens ook het allerlaatste wat Johannes over Jezus meldt. Okay, er volgt nog één hoofdstuk, Johannes 21. Maar dat is eigenlijk toch meer een bijlage, een epiloog waarin Jezus en Petrus nog wat uitpraten en rechtzetten. Johannes is steeds heel selectief over wat hij over Jezus vertelt. Uiteindelijk bestrijkt hij maar 21 dagen uit Jezus leven. Schrijven is schrapen. Hij kiest met zorg uit en werkt toe naar een climax, een eindpunt. En daarvoor kiest hij juist voor de ontmoeting tussen Jezus en Thomas. En dus ook over de wonden van Jezus. Wat wil hij ons hier mee zeggen? Wat gebeurt hier, waar wij mee verder kunnen?

Het is eerst en vooral een teken van overwinning. Vrienden, de strijd is gestreden. De overwinning is behaald. Er is verzoening gebeurd. De vrede is getekend tussen God en de mensen en daarom zeg ik je: sjaloom! Proclameer ik vrede! Vrede van Christus! Vrede dankzij de wonden! Vrede over de wonden!

Dat Jezus zijn wonden toont is ook een teken van kwetsbaarheid. Jezus is niet van het toedekken en verbergen. Niet van het doven en sussen en wegmoffelen. Zoiets proef je wel bij de leerlingen. Zij hebben muren om zich heen getrokken. Verstoppen zich, houden afstand omdat ze bang zijn voor nieuwe wonden. Het kan een levenshouding worden. Waarin je altijd een soort onzichtbaar pantser om je heen hebt waar de ander niet doorheen kan breken. Je krijgt dan iets onaanraakbaars. Laat je nooit echt kennen, aanraken, ontmoeten.

Dat is niet wat Jezus doet. Hij zoekt zijn leerlingen op. En toont heel bewust zijn wonden. En daarmee raakt hij ook hun wonden aan. Zij hebben hun Heer in de steek gelaten. Van hun grote woorden en vrome voornemens is niet veel terecht gekomen. Ze hebben gefaald, zijn tekort geschoten.

Johannes schetst de kring van gelovigen dus als een soort van littekenclub. Waar mensen elkaar hun broosheid en kwetsbaarheid durven tonen omdat we een Heer hebben die zijn wonden toont en daarover vrede uitspreekt. Het is een uitnodiging om onze pantsers, maskers en make-up weg te doen. De wonden te durven zien die we daaronder verbergen. Voor de ander maar vaak ook voor onszelf. Te kijken ook naar de wonden die we de ander hebben aangedaan. Ze te zien, ze aan te raken en te laten aanraken en er de vrede van Christus over uit te laten spreken. Is dat de sfeer die ons als gemeente kenmerkt? Zou mooi zijn, zeker omdat we Kruispunt heten. Als iemand hier nieuw binnenstapt. Is dat iets wat zo iemand proeft. In ontmoetingen en gesprekken? Is er iets van deze kwetsbaarheid op je @home?

Naast een teken van overwinning en kwetsbaarheid zijn Jezus wonden ook een teken van discipelschap. De wonden wijzen niet alleen op wat achter hen ligt. Ze wijzen ook vooruit, naar de weg die voor hen ligt. Als christenen in huisgemeenten in China elkaar ontmoeten in hun wekelijkse samenkomst stellen zij elkaar altijd de vraag: wat zijn deze week jouw wonden voor Christus? Waar heb je wonden opgelopen? Waar heb je wonden gezien en aangeraakt, verzorgd? Jezus zegt: alles wat jullie gedaan hebben voor de minste van mijn broeders, dat hebben jullie voor mij gedaan. In hoeverre kom ik als volgeling van Jezus in aanraking met wonden? Ervaar ik juist daar en juist zo iets van Jezus?

Behalve een teken van overwinning, kwetsbaarheid en een teken van wat Jezus volgen is zijn Jezus wonden ook teken van herkenning. Ze laten iets zien van zijn karakter, van zijn wezen. Alsof hij zeggen wil: als je aan mij denkt. Denk dan aan mijn wonden. Ze laten zien wie ik ben in mijn liefde voor jou. Liefde die een offer brengt. Liefde die de prijs betaalt. Liefde die sterker is dan de dood en de machten van de hel.

Er wordt verteld dat de Satan verscheen aan Sint-Maarten en zich voordeed alsof hij Christus was. Maar Sint-Maarten liet zich niet voor de gek houden en vroeg hem: waar zijn jouw wonden? Die kon de duivel niet tonen en hij droop af.

De Engelse taal heeft een uitspraak: never trust someone without a limp. Vertrouwd nooit iemand die niet kreupel is. Wees voorzichtig met mensen zonder wonden. Denk aan Jakob bij Pniël die na zijn worsteling met God kreupel verder moest. Dat was zijn litteken. Voor Pniël was Jakob vooral een handige, snelle jongen. Iemand voor wie je op je hoed moest zijn Na Pniël trok hij met zijn been, was hij getekend en juist toen kon hij meer tot zegen zijn. Kwam hij tot zijn bestemming. Iemand die geen enkel litteken vertoont. Bij wie alles altijd piekfijn in orde is, die is niet gelouterd, niet getest, niet beproefd. Die neemt nog niet echt deel aan de strijd. Wees voorzichtig met zo iemand. Never trust someone without a limp

Wantrouw goden en religies en geloofsuitingen die vrolijk in deze wereld rondspringen zonder geraakt te worden door haar wonden. Zonder schrammen, littekens of brandwonden en alleen maar blinken, glimmen en shinen. Een feel-good geloof houdt geen stand, is niet reality-proof. Wees op je hoede voor een geloof of een theologie van de gloria waarin het kruis en de wonden zijn weggewerkt. Alleen het gewonde geloof is geloofwaardig Alleen een gewonde God is betrouwbaar.

Dat is ten diepste waarom Jezus hier zijn wonden toont. Ze nodigen uit om je aan Hem toe te vertrouwen. Jezus geeft Thomas een aansporing mee: wees niet ongelovig, maar gelovig. Treffend wat Jezus hier precies zegt.. Het heeft het niet over de inhoud van Thomas geloof maar over geloven als een manier van zijn, een houding. Je kunt heel orthodox zijn in je opvattingen, recht in de leer en toch leven zonder vertrouwen. En andersom ook: je kunt heel wat onbeantwoorde vragen hebben en toch met al je skepsis en talloze tegenwerpingen inclusief alle vragen en ook inclusief alle wonden je steeds opnieuw toevertrouwen aan God. Wees niet ongelovig, wees gelovig.

En zo wordt het toch nog Pasen bij Johannes. Niet opgelegd, niet geforceerd, niet opgeklopt. Er blijft ruimte voor wonden, voor littekens. Pasen met ruimte voor iemand als Thomas. Van nature niet echt het lachebekje van de leerlingen. Maar Jezus brengt ook hem tot aanbidding. Hij zal vast weer op nieuwe vragen stuiten en nog door de nodige aanvechtingen heen gaan. Maar hier breekt door de wolken de zon door. Juist hij mag dit evangelie afsluiten. Met een broken Halleluja, een lofprijzing met een brok in zijn keel. Hij roept het uit: mijn Heer, mijn God. Ja, de Heer met de wonden, dat is mijn Heer. De gewonde God, dat is mijn God.

Leestip: Thomas Halik, Raak de wonden aan, 2018

 

 

 

Vorige bericht Volgende bericht

Ook interessant om te lezen

Geen reacties

Plaats een reactie