God zegent gehoorzaamheid (Handelingen 9)

(Lezen: Handelingen 9:1-18 – luisterlied: Blijf in Mij, Sela)

Tom Wright, een bekende Britse Bijbel-wetenschapper vertelt in zijn commentaar op Handelingen 9 een vermakelijk verhaal. Het gebeurt tijdens een concert van een groot en bekend symfonie-orkest. De meeste musici zijn geconcentreerd en gefocust op de dirigent, op het muziekstuk, op elkaar. Op de achterste rij is één muzikant opvallend ontspannen. Zozeer dat hij zichzelf lijkt te vervelen. Op een gegeven moment is hij zelfs een half uur weg.

Er zijn wel verhalen bekend van orkestleden die terwijl de uitvoering in volle gang is er even tussen uit knijpen en opduiken in een bar vlak naast het concertgebouw. En terwijl zij in hun hoofd de maten blijven tellen van het muziekstuk dat op dat moment wordt uitgevoerd zodat zij niet te tel kwijt raken en weer op tijd terug zijn. En intussen bestellen en nuttigen zij een drankje: drie-en-negentig, twee, drie, viervier-en-negentig, twee drie vierwitte wijn graag, twee, drie, vier –  zes-en-negentig, twee, drie, vier…

In het concertgebouw is hij na een half uurtje ineens weer terug, de muzikant op de achterste rij. Het orkest speelt de sterren van de hemel. En het lijkt alsof deze man er niet zo bij is bij zijn hoofd. Totdat tegen het einde van de avond de climax van het hele muziekwerk wordt bereikt. Onze vriend achteraan staat langzaam op, haalt diep adem, pakte rustig twee grote bekkens. De dirigent kijkt al even zijn kant op.. Zijn moment komt er aan, is hij scherp en op tijd? Pam, pam, pam… en geen seconde te vroeg of te laat, precies op tijd is daar met een grootse zwaai de magistrale gong die het slotaccoord boven alles uit tilt.

Als het stuk voorbij is, volgt de staande ovatie en de dirigent wijst op muzikanten die aan deze uitvoering een bijzondere bijdrage hebben geleverd. En de laatste die hij aanwijst en bedankt is de bekkenspeler op de achterste rij. Het publiek lacht en klapt voor hem nog even iets harder. Hij heeft zijn moment van glorie niet gemist. Later die avond heeft hij vast gewoon de bus genomen. Op weg wellicht naar een eenvoudig rijtjeshuis maar deze avond voelde hij zich vanwege dat ene moment voor even de koning van het concertgebouw.

In het boek Handelingen vervult Ananias een soortgelijke rol. We hadden nog nooit van hem gehoord en vernemen na dit moment ook niets meer van hem. Maar in het sleutelhoofdstuk is hij daar ineens: In Damascus woonde een leerling die Ananias heette.. We weten niet hoe hij een volgeling van Jezus is geworden. Wat we wel weten is dat hij de stem van de Heer kent en dat hij die stem heeft leren vertrouwen en gehoorzamen. In een visioen zei de Heer tegen hem: Ananias! Hij antwoordde: ik luister, Heer!

Het is eigenlijk al bijzonder dat Ananias in Damascus ís. Velen zullen zijn gevlucht naar een veiligere plek nu bekend is dat de beruchte Saulus van Tarsus onderweg is om alle christenen die hij zal weten te vinden op te pakken. Maar Ananias hoort niet bij de vluchters. Hij is zo iemand die zijn post niet zomaar verlaat. En kennelijk blijft hij in alle onrust en dreiging ook in zijn dagelijkse ritmes van luisterend bidden. In Damascus woonde een leerling die Ananias heette. In een visioen zei de Heer tegen hem: Ananias! Hij antwoordde: ik luister, Heer!

Wat opvalt is dat de opdracht van de Heer zo heel concreet, specifiek en gedetailleerd is. Ga naar de Rechte Straat en vraag daar in het huis van Judas naar iemand uit Tarsus die Saulus heet. Hij is aan het bidden. En hij heeft in een visioen gezien hoe een man die Ananias heet binnenkomt en hem de handen oplegt om hem weer te laten zien. Dit is hoe de gave van profetie werkt. Dat je in de stilte van je hart hebt geleerd om af te stemmen op de golflengte van de Geest. En dat je afstemming daarin ook steeds fijner, gevoeliger wordt en je leert om zo scherp en zo lang en zo intens te luisteren dat Jezus je steeds preciezer kan duidelijk maken wat hij wilt dat jij doen mag, zeggen mag, zijn mag.

In Efeziërs 2 lezen we: want wij zijn zijn maaksel geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen die God van tevoren bereid heeft opdat wij daarin zouden wandelen. De Heer heeft kennelijk soms opdrachten die hij specifiek voor ons heeft voorbereid en die alleen u, alleen jij, alleen ik kan vervullen. Het begint altijd weer met die ene zin: Ik luister Heer.

Als de Heer hem opdraagt om Saulus de handen op te leggen is er tussen de Heer en Ananias kennelijk zo’n openheid, zoveel vertrouwdheid en vriendschap dat Ananias zich vrij voelt om zijn eerste gedachten te delen. Is dit wel een goed idee Heer? Deze duistere man met zoveel bloed aan zijn handen en zo vol vijandschap? Ananias sputtert zeker flink tegen.  Maar het mooie is: hij schrikt er niet zo van dat hij zich vervolgens helemaal afsluit voor de Heer. Nee, ondanks zijn weerstand en verzet blijft zijn hart afgestemd op het spreken, de leiding van de Heer. Heb ik dat goed gehoord? Is dit echt van U?  En voor de twee keer is daar die duidelijke aanwijzing: ga! Ga! Want hij is het instrument dat ik heb uitgekozen om mijn naam uit te dragen onder alle volken en heersers en onder al de Israëlieten… Dus: Ga, Ananias, ga!

Daarmee krijgt Ananias een sleutelrol in het koninkrijk. De doorbraak van het koninkrijk van God in vele steden en landen hangt op dit ene moment af van een leerling in Damascus die heeft geleerd luisterend te bidden die in alle impulsen, gedachten en geluiden de stem van Jezus weet te onderscheiden en na enige bedenkingen besluit die stem te vertrouwen en eenvoudig te gaan doen wat Jezus hem opdraagt.

Ananias vertrok en ging naar het huis waar hij Saulus de handen oplegde terwijl hij zei: Saul, broeder, ik ben gezonden door de Heer, door Jezus, Die aan u verschenen is op de weg hierheen om ervoor te zorgen dat u weer kunt zien en vervuld wordt van de heilige Geest. Meteen was het alsof er schellen van Saulus’ ogen vielen. Hij kon weer zien, stond op en liet zich dopen. En nadat hij gegeten had kwam hij weer op krachten.

Het is mooi om te zien hóé Ananias zijn opdracht uitvoert. Hij doet dat niet met de handrem op, Zo van: de Heer kan Saulus wel gekozen hebben maar mijn type, mijn vriend is het niet. Wij mensen zijn daar vaak heel goed in om op subtiele manieren in een dubbele bodem iets van ons oordeel over de ander over dragen. Het zou menselijk zijn geweest als Ananias binnen was gestapt en zich eerst afstandelijk en afgemeten op zou hebben gesteld. Met wat venijnige, ongemakkelijke steken onder water. Saulus van Tarsus, toch, waar heb ik die naam toch eerder gehoord? Voor zaken in Damascus?… niets van dat soort omtrekkende bewegingen.

Saulus zit daar blind, en kwetsbaar in gebed. Ananias legt hem meteen de handen op en zegt:  Saul broeder, ik ben gezonden door de Heer, door Jezus, Die aan u is verschenen op de weg hierheen, om ervoor te zorgen dat u weer kunt zien en vervuld wordt van de Heilige Geest. Saul, broeder! Ananias kijkt naar Saulus met de ogen van Jezus. Saul, broeder, ontvang de Heilige Geest. En hij legt hem de handen op. En deze ene handoplegging van Ananias is als het moment van de bekkenspeler in dat symfonieorkest. De echo van wat hier gebeurt klinkt nog lang na in de geestelijke wereld. Want deze Paulus zal een zeer krachtig instrument zijn in de handen van Jezus om het evangelie te verspreiden onder alle volken en tot in alle windstreken.

Afgelopen week hebben we de cursus Levend in Christus afgerond. Een belangrijk element hierin was het leren luisterend bidden. In een kleine groep voor een van de groepsleden stil worden en aan hem of haar doorgeven wat er binnenkomt aan woorden, beelden en ingevingen. We waren er vaak verwonderd over hoe specifiek dat wat we die persoon mochten doorgeven aansloot op dingen die speelden waar wij niets van wisten maar de Heer wel. En hoe de persoon erdoor bemoedigd werd, zich gezien voelde, gekend, geliefd.

Deze dagen voeren we gesprekken met gemeenteleden rond de vraag of hij of een rol als ambtsdrager zou willen overwegen. En in zulke dagen valt het me steeds weer op hoe God op verschillende manieren iets duidelijk maakt van zijn wil, zijn plan, zijn leiding. Wat zou er gebeuren als wij allemaal altijd in zo’n aandachtige modus zouden leven gespitst op leiding, ingevingen van de Heilige Geest en als we die dan eenvoudig zouden gehoorzamen.

Uit deze ene passage in de Bijbel over Ananias valt veel te leren. Ik onderstreep vanmorgen vooral dit. God zegent gehoorzaamheid. Eerst is het de eenvoudige gehoorzaamheid aan Gods stem. En langs die weg van gehoorzaamheid volgt er zegen. Eerst de individuele zegen voor Paulus die weer kan zien en vervuld wordt met Gods Geest. En gaandeweg de enorme zegen die van zijn bediening uitgaat.

Wij draaien die twee nog wel eens om in ons denken. We willen eerst iets van de zegen voelen, ervaren, zien voordat we durven besluiten om te gehoorzamen aan Gods wil. Als ik eerst maar eens meer kennis, meer vertrouwen, meer geestelijke groei heb ontvangen. Ja dan kan ik misschien een stap zetten in gehoorzaamheid.

Misschien ligt hier voor u, jou een link naar de viering van het avondmaal volgende week. Als jezus zegt: Doe dit om mij te gedenken. Ga ik dan eerst allerlei eisen stellen aan mijzelf? Wil ik eerst zegen zien en dan avondmaal vieren? Of gehoorzaam ik aan jezus opdracht en vertrouw er op op die manier gezegend te worden.

Maar misschien ligt voor u, jou de toepassing op een heel ander terrein. De les van Ananias is: luisteren-gehoorzamen-zegen. Heer, geef ons een hart als dat van Ananias. Activeer in ons de gave van profetie. Het vermogen om zuiver uw stem te verstaan. Leer ons u in alles meer te vertrouwen en te gehoorzamen. Dan zullen wij Uw zegen zien. Amen.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook interessant om te lezen

Geen reacties

Plaats een reactie