Dank God in alles (1 Thess. 5,18a)

(1 Thess. 5,18: ‘Dankt God in alles want dit is de wil van God voor u in Christus Jezus.’)

Zelfhulp is booming business. Online is niet te ontkomen aan de sites en blogs die zich specialiseren in ‘persoonlijke groei’. Het spirituele magazine Happinez is al jaren een van de populairste tijdschriften van Nederland. Ja zelfhulp is het nieuwe ding en geluk is de nieuwe categorie waaraan de perfecte mens moet voldoen. Naast zo gezond, vitaal, mooi en succesvol mogelijk, moeten we tegenwoordig ook zo gelukkig mogelijk zijn. Met als remedies: yoga voordat je gaat werken, mindful door het leven, en trainen op dankbaarheid.

Onlangs verscheen het ‘dankboek’ van de hand van Ernst-Jan Pfauth, één van de uitgevers van de correspondent. Het boek biedt een aantal makkelijk uitvoerbare stappen richting dagelijkse voldoening, richting geluk. En een van die stappen is het actief oefenen van dankbaar zijn. Het dankboek is voor driekwart gevuld met lege pagina’s waarop de lezer een invuloefening kan doen: Ik ben dankbaar voor … omdat … Van dat dagelijkse ritueel word je volgens verschillende studies vriendelijker, empathischer, optimistischer en tevredener met je leven.

In een interview in NRC legt Pfauth uit dat zijn dankboek een tegenwicht wil bieden tegen de enorme druk waaronder veel mensen in onze tijd leven. We zijn de ondernemers van ons eigen ik en voelen altijd de druk om nog beter te presteren. Ons zo te onderscheiden van de ander. Ook in ons privéleven staan we bloot aan torenhoge verwachtingen. We moeten gezond en lekker eten op tafel zetten, veel sporten, alle juiste series kijken, vrijwilliger zijn op de sportclub van onze kinderen én vaak op originele reizen. Iedereen moet het meeste uit het leven halen. Dat laten we via sociale media aan elkaar weten, door daar de beste versie van ons leven te tonen. Mediadeskundigen noemen dat gedrag op FB en andere media: de beautification van ons leven. We laten ons op sociale media graag vooral en uitsluitend van onze mooiste kant zien.

Ik las onlangs een scherpe column in het ND. Een jongerenwerker deelt wat hij ziet onder jonge mensen. Hij heeft over ene Sanne. Op haar FB is alles wat ze post mooi en gepolijst. Haar laatste post was een stilleven van haar retro-ingerichte studentenkamer, de stoel staat in het binnenvallende licht, een aantal kledingstukken ligt keurig opgevouwen op het meubilair. In het raam staat een vaas met een mooie bloem naast een ouderwetse polaroidcamera. Bij het bericht staat een serie hashtags vermeld zoals: #design, #sun, #blessed en #perfect. Sanne is net als vele anderen die actief zijn op social media goed in het oppoetsen van goud. Maar het is niet alles goud wat er blinkt. In werkelijkheid worstelt Sanne al maanden met oververmoeidheid en somberheid. De honderden ‘vind-ik-leuks’ en #bless-my-life-berichtjes zijn een rookgordijn. Een zorgvuldig opgebouwd imago van lucht en leegte.

En als reactie op deze beautification, al deze designplaatjes en happinez-quotes lanceerde een jonge journaliste onlangs de hashtag: #fuckgeluk. Het is stevige taal maar ze maakt er wel een krachtig punt mee. Wordt het geen tijd om die rookgordijnen weg te blazen? De maskers te laten zakken en elkaar niet langer wijs te maken dat alles in ons leven pico bello is en altijd glanst en glimt?

Tegen deze druk die we elkaar en onszelf opleggen keert de schrijver van het dankboek zich. Zijn boek is bedoeld als een poging om de druk te verminderen door ons te oefenen in dankbaarheid. Het is bedoeld om te groeien in het besef hoeveel we in ons leven hebben gekregen in plaats van verdiend. Dat bewustzijn kan ons ego, onze trots wat kleiner maken en ons brengen tot bescheidenheid, verwondering en vooral dankbaarheid

Dat lijkt me ook een goede intentie voor een dankdag. Er bij stil te staan wat we in ons leven hebben gekregen in plaats van verdiend. In de opbrengst, de oogst, in ons dagelijkse werk. In de voorwaarden en omstandigheden die ons menselijk bestaan mogelijk maken en waarbinnen wij kunnen leven en functioneren en kunnen bijdragen aan de samenleving, ieder naar de gaven en talenten die God gaf en de taak en rol die hij ons daarin toebedeelt.

Stil staan bij wat we hebben gekregen in plaats van verdiend. Dat brengt ons bij de aansporing van Paulus in onze tekst. Dank God in alles. Voor het woord danken staat er in het Grieks het woord: eucharisteo. Dat betekent letterlijk: van genade spreken. Genade staat in de bijbel voor datgene dat we gratis, om niet ontvangen, zonder daar iets voor te doen of te laten. Dat zijn de dingen die we niet verdienen en toch ontvangen.

Dank God in alles. Het is onderdeel van een reeks korte aansporingen. Zoals je die meegeeft als je afscheid neemt van een geliefde. Dan kun je net voor het definitieve afscheid van die dingen zeggen. Hartenkreten zoals: Doe je voorzichtig? Pas goed op jezelf! Maak er iets moois van! Laat van je horen! Neem voldoende rust. Geniet ervan. Laat je zorgen achter. Wees niet bang. Ik houd van je. In die sfeer staat er hier wat die ps-jes onderaan deze brief: wees altijd verheugd! Bidt zonder ophouden! Doof de Geest niet uit! Veracht de profetieën niet die Hij u ingeeft! Onderzoek alles! Behoudt het goede! Vermijd elk kwaad! En dus ook dit: dankt God in alles.

Dat is een aansporing die we vaker tegen komen in de brieven van Paulus. In Kol 3,15: Wees ook dankbaar. En in vers 17: doe alles wat u zegt of doet in de naam van de Heer Jezus terwijl u God de vader dankt door hem. Kol. 4,2: blijf bidden en blijf daarbij waakzaam en dankbaar. Fil 4,4: Laat de Heer uw vreugde blijven Ik zeg u nogmaals: wees altijd verheugd. Laat iedereen u kennen als vriendelijke mensen. De Heer is nabij. Wees over niets bezorgd maar vraag God wat u nodig hebt en dank hem in al uw gebeden.

Let even op wat er in dit korte vers niet staat. We lezen niet zoiets als: dank God ondanks alles dan zou het vooral een aansporing zijn. Om jezelf schrap te zetten, en je uiterste best te doen om jezelf te bewegen tot dankbaarheid. Jezelf op te krikken tot het niveau van dank tegen heug en meug, geforceerd en verbeten.

Er staat ook niet: dank God als het je meezit en goed gaat. Op zon- en feestdagen zeg maar. En op dankdag dan. Wat hier ook niet staat is: dank God voor alles. Er kan in een mensenleven heel veel naars gebeuren waarbij het danken je kan vergaan. Teleurstellingen, zorgen, vragen, spanning, angst, ziekte etc. Zaken die je bestaan op zijn fundamenten doet schudden. Hoe kunt je er zeer nietig, fragiel, hulpeloos bij voelen. Er komt soms iets van een groezelige sluier over alle dingen heen te liggen waardoor alles zijn glans verliest en er van danken niet veel meer komt.

Hier staat nadrukkelijk en heel bewust: dank God in alles. De omstandigheden van je leven kunnen sterk wisselen. Er is lief en leed, er zijn ups en downs, er is regen en zonneschijn. Maar de mate van dankbaarheid zou niet één op één verbonden hoeven zijn en per definitie mee hoeven te bewegen met de omstandigheden, je situatie. De dankbaarheid van een christen vindt zijn wortels, zijn voeding, zijn bron buiten onszelf. In wie God in Christus is door Zijn Geest. Dank God in alles. Zoals er ook in Romeinen 8 staat: in (!) dit alles zijn wij meer dan overwinnaars dankzij hem die ons heeft liefgehad. Op de vraag hoe het gaat hoor je wel eens zeggen: naar omstandigheden redelijk wel. Als je het Paulus zou vragen, he Paulus hoe maak je het? Dan zou zijn antwoord zijn: dankzij Gods genade wonderlijk wel.

Bedenk ook dat dit vers nadrukkelijk in het meervoud staat. Dankt God in alles. Het is een opdracht aan de geloofsgemeenschap. Het is Gods wil dat zijn gemeente in deze wereld oefenplekken zijn van dankbaarheid. Waar iedere individuele gelovige zich aan kan optrekken. Gemeenschappen waar niet kritiek de boventoon voert. Waar niet eerst en vooral wordt gemopperd en gezanikt. Maar waar de ondertoon, de grondhouding die van de dankbaarheid is. Geen opgelegde, opgeklopte wees-dankbaar-of-ik-schiet sfeer maar een dankbaarheid die voorkomt uit een diepe intense en radikale concentratie op Christus. Dit is de wil van God voor u in Christus Jezus.

Danken is van genade spreken. Stil staan bij wat je niet hebt verdiend en toch hebt ontvangen. Genade is in de Bijbel om niet, maar niet zonder prijs. Het is nooit goedkope genade. Er is de hoogste prijs voor betaald: de prijs van het leven, het lichaam, het bloed van Jezus. Alle genade gaven die wij in ons leven ontvangen zijn duurbetaald door de man aan het kruis. In Romeinen 8 lezen we: Hoe zal Hij die zelfs zijn eigen zoon niet gespaard heeft maar voor ons alles overgegeven heeft, ons met Hem ook niet alle dingen schenken.’ (Rom 8,32). Alle dingen komen tot ons ‘met Hem’. Aan iedere genadegave die ik noteer in mijn dankboek, hangt het prijskaartje van Golgotha. Voor wie zich dat realiseert, verdwijnt alle vanzelfsprekendheid. Dankbaarheid is een bloem die alleen groeit op de akker van de genade.

De dertigjarige oorlog (1618-1648) is waarschijnlijk één van de meest verwoestende oorlogen in Duitsland geweest. Het heeft miljoenen mensen het leven gekost, niet alleen door oorlogsgeweld, maar ook door honger en ziekte. In deze periode heeft ook het stadje Eilenburg in de Duitse staat Saksen veel te leiden. Het wordt verwoest door de Zweden en geplunderd door de Oostenrijkers. En van de 1000 huizen staan er nog maar 200 overeind. Vele vluchtelingen stromen het stadje binnen op zoek naar veiligheid achter de stadsmuren. En in die omstandigheden breekt in 1637 de pest uit. Van de drie predikanten in de stad is dan alleen nog Martin Rinkart over.  Hij leidt de begrafenis van maar liefst 4800 mensen. Soms wel 70 op één dag, waaronder zijn vrouw en broer. In 1638 is er grote hongersnood in de stad waaraan vele sterven. Twintig, dertig mensen vechten soms wanhopig om een hond, een kat, een kraai te bemachtigen en op te eten Martin Rinckart raakt bijna al zijn bezittingen kwijt en kan slechts met de grootste moeite brood en kleding vinden voor hem en zijn kinderen.

Toch wordt zijn geest niet gebroken. Rinckart gaat in deze tijd van huis tot huis, zegenend, troostend en bemoedigend. Het geheim van zijn levenshouding heeft hij laten graveren in zijn zegelring. Daar staan zes letters: MVSICA. Zes letters die hem elke dag herinneren aan zijn levensmotto, zijn lijfspreuk, zijn credo: Mein Vertrauen Steht In Christo Allein. Mijn vertrouwen staat in Christus alleen. Vanuit dat geheim en die basis heeft Rinckart het niet alleen volgehouden. Hij schrijft zelfs in de hel van Eilenburg de prachtigste dankliederen. Waaronder het lied dat wij zo meteen samen gaan zingen: Dankt, dankt nu allen God, met hart en mond en handen.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook interessant om te lezen

Geen reacties

Plaats een reactie